"Op" betekent vaak helemaal klaar of omhoog. In een hoofdzin staat "op" los aan het einde: "Ik sta om zeven uur op." In een bijzin blijft het werkwoord heel: "... omdat ik vroeg opsta."
Vader: Hoe laat sta je morgen op?
Dochter: Ik sta om half acht op.
Collega: Je ziet er moe uit.
Pieter: Ik ben vanochtend om vijf uur opgestaan.